Turkmenistan....een goed begin!
Door: Petra
Blijf op de hoogte en volg Fred
04 September 2025 | Turkmenistan, Turkmenistan
Vrijdag 29 augustus
Eindelijk is het zo ver, 5 jaar later dan gepland (iets met een pandemie;-), vertrekken we richting Centraal Azië om een deel van de oude Zijde Route te bereizen. We beginnen in Turkmenistan en dat belooft direct een bijzondere start te worden. Een land wat pas enkele jaren zich wat meer opent voor toerisme, maar waar je niet zo maar binnenkomt. Verplicht moeten we buiten de hoofdstad Ashgabat gebruik maken van gidsen en het visumproces vraagt wat voorbereiding. Ongeveer 7000 toeristen per jaar bezoeken dit land en dat zien we ook direct als we richting Ashgabat vliegen.
Een vlotte vlucht, met overigens prima eten, brengt ons naar Istanbul, waar we overstappen richting Ashgabat. Gelukkig verloopt alles op tijd waardoor we rustig van de ene kant van het vliegveld naar de andere kant kunnen lopen. Verder weg van elkaar hadden onze gates niet kunnen zitten, we doen er ruim 40 minuten over, zo enorm groot is het vliegveld van Istanbul. Maar het zorgt ervoor dat we even lekker onze benen kunnen strekken voor de het tweede deel van deze reis. Aangekomen bij de gate zien we nog een 5-tal andere toeristen, maar verder zijn het vooral lokale mensen die vanuit Istanbul terug naar huis vliegen. Uiteraard bepakt en bezakt met spullen die zij in Istanbul hebben ingeslagen. Het is nu al een kleurrijk geheel, met vrouwen in kleurig gebloemde gewaden en hoofddoeken. Wij wachten keurig in onze rij om te mogen boarden, maar eerst mag naast ons de rij first class boarden. En terwijl de stewardess roept ‘first class only’ sluiten alle mensen aan en mogen vervolgens ook nog eens gewoon aan boord. Wanneer er minstens zo’n 100 mensen doorgelaten zijn, grap ik tegen Fred dat het hele vliegtuig waarschijnlijk first class is. En wij passen ons direct aan aan de lokale gebruiken en stappen over naar de rij voor first class. Even later gaan we keurig aan boord, wel gewoon op rij 19;-)
Zaterdag 31 augustus
Na een korte nachtvlucht, wederom met een prima ontbijtje van bananenbrood en wat fruit, landen we in de vroege ochtend in Ashgabat. We komen aan op een groots, wit marmeren vliegveld gebouwd in de vorm van een vliegende witte vogel met gouden vleugels. Binnen is het sereen rustig en ondanks dat er misschien wel tientallen gates zijn, zijn wij het enige vliegtuig wat aankomt. Nu komt het spannende gedeelte; zijn alle onze papieren in orde en mogen we het land in? Maar voordat we onze visa’s kunnen regelen, moeten we eerst nog een corona-test laten doen. Meer formaliteit dan echt checken, het stokje raakt net onze neus;-) Overigens moeten we er wel even $30 voor aftikken. Vervolgens kunnen we naar het loket voor onze visa. Het duurt even, we gaan van loket naar loket, krijgen stempels, betalen flink nog wat meer dollars, krijgen nog meer stempels en na ruim een uur krijgen we ons paspoort terug en mogen we verder, hoera! Als we net door de douane zijn staat daar onze gids al te wachten. Een allerleukste jonge dame met een lastige en lange naam, maar we mogen haar Gigi noemen. Zij helpt ons met haar onschuldige vrouwelijke charme verder door de douane heen en niet veel later lopen we naar buiten, de heerlijke warmte in. Het is 8 uur in de ochtend en al zo’n 32 graden. Eerst besluiten we wat geld te wisselen. Gelijk al een avontuur op zich, want dit gebeurd in een soort van zwarte handel. We overhandigen geld in een busje, blijven even zitten wachten, iemand verdwijnt een winkel in en komt later terug met een envelop met lokaal geld, tegen een koers die bijna 5 keer zo hoog is als bij een bank. Hier is je gulden veel meer dan een daalder waard;-) Niet veel later rijden we door een witte en verlaten stad, met heel veel grootste, wit marmeren gebouwen, brede 3 baans-wegen, enorme rotondes met grootse gouden kunstwerken en bijna geen auto’s op de weg. En de auto’s die er rijden, zijn allemaal wit. We kijken onze zeer vermoeide ogen uit! Uiteindelijk stoppen we bij een enorm complex aan de rand van het Olympisch stadion en dit is ons hotel; het Sport Hotel. Ook hier is het binnen en buiten een en al wit marmer, goud en groene accenten wat we zien. Wij krijgen een kamer op de 7e etage en hier wacht ons een ware koninklijke kamer. Hoge plafonds, kroonluchters, goudgedecoreerde meubels en een enorme marmeren badkamer. De prinses in mij kan hier heel goed mee leven…ook in de wetenschap dat het hierna alleen maar veel minder zal zijn! Nadat we even wat spullen uitgepakt hebben, besluiten we eerst nog een paar uurtjes te gaan slapen, aangezien we de nacht hebben overgeslagen. En aan het begin van de middag, gaan we na een verfrissende douche de stad in…en daar is niets verfrissends aan. Ondanks dat ook hier de herfst al langzaam zijn intrede doet, is de temperatuur nog steeds bijna richting de 40 graden. Ons doel is dan ook de shopping mall, 10 minuten lopen verder op. Als we daar binnenkomen is het weer heerlijk fris en koel en nadat we wat hebben rondgewandeld belanden we bij een leuk restaurant waar we kennismaken met de lokale keuken. Smaakvolle salades met verse groente en kruiden, een soort pizza-achtige broden met spinazie en kaas en gegrilde kip. Vergezeld van een verse citroenlimonade. Een prima eerste kennismaking, zeker als we later ook nog een pistache-cheesecake scoren voor bij de thee later die middag;-) De rest van de dag lummelen we nog wat op onze kamer…uhh…in ons paleis en we duiken vroeg ons bedje in om nog een beetje bij te slapen. Morgen gaan we echt op ontdekking!
Zondag 31 augustus
Na een lange nacht slapen zijn we klaar om pad te gaan en om 10 uur staat Gigi vol enthousiasme al klaar. Buiten wacht chauffeur Tokul op ons met de auto, een luxe witte 9-persoonsbus voor Wim en Max;-) We rijden eerst een poos door de stad en Gigi verteld ons veel over de verschillende gebouwen en monumenten en het een is nog grootser en over de top dan het ander. Ondertussen valt op dat de straten uitgestorven zijn en alles echt ontzettend schoon is….en wit! We stoppen vervolgens bij het Nationale Museum en hier krijgen we een rondleiding met een gids. Ook hier weer een bijzondere ervaring, want we zijn de enige twee mensen in het hele museum. De dame van het museum neemt ons mee door de geschiedenis van Turkmenistan, beginnende in het stenen tijdperk. Terwijl Fred foto’s maakt, probeer ik aandachtig te luisteren, terwijl ik ondertussen bedenk, dat als we de hele geschiedenis doorlopen we hier nog wel even zijn;-) Gelukkig heeft ze maar een uur gekregen om ons te begeleiden, dus de laatste eeuwen gaan we gelukkig wat sneller door heen. Wat niet wegneemt dat ik besef dat ook hier een hele oude historie terug te vinden is in dit land en dat er bij verschillende opgravingen nog steeds veel bloot wordt gelegd van die historie. Later besef ik wel dat deze start er voor zorgt dat alles wat we daarna zien direct goed terug te plaatsen is in de geschiedenis van het land en deze regio. Na het museum bezoeken we een opgraving net buiten de stad, terwijl de zon genadeloos op ons schijnt. We zijn dan ook blij dat de zondagse bazaar die we later bezoeken, overdekt is. Het is een enorme bazaar met vele hallen en elke hal heeft een eigen thema; eten, kleding, tapijten, dieren en nog veel meer. Het is heerlijk om hier even rond te struinen en wat meer van het dagelijkse, lokale leven te zien. Ook hier zijn wij de enige toeristen en het is fijn om Gigi als tolk bij ons te hebben wanneer we wat dadels, noten en fruit willen kopen. Op de terugweg richting de stad komen we nog langs een tweede vliegveld en dit vliegveld is alleen bedoelt voor royals en hoogwaardigheidsbekleders. Zo ook het indrukwekkende hotel naast dit vliegveld. Beide zijn gesloten en gaan alleen open als er hoog bezoek is. Inmiddels kijken we niet meer op van dit soort voor ons hele vreemde zaken. De hele dag vallen we al van de ene in de andere verbazing. Zo mag je niet van alles foto’s maken, wat vooral voor Fred heel lastig is;-) Afbeeldingen van de president, militairen en verschillende gebouwen mogen niet gefotografeerd worden. Elke keer geeft Gigi gelukkig aan wat wel en niet kan en mag. Voor de lunch neemt zij ons mee naar een heel hip restaurant, waar we zelfs een biertje en een wijntje bij de lunch kunnen bestellen. We genieten er extra van, geen vanzelfsprekendheid hier. Na de late lunch rijden we nog verder door de stad en onze chauffeur Tokul maakt er een gezellige boel van in de auto. Hij houd van behoorlijke rap muziek en we rijden als een soort disco bus door de stad. Fred doet natuurlijk enthousiast mee en ze zijn al snel dikke vrienden. De rest van de middag bekijken we nog meer monumenten in de stad en ondertussen praat ik met Gigi over het leven hier en hoe het is om als jonge vrouw hier op te groeien. Ze is in ieder geval trots op haar land. En voor ons heeft deze eerste dag al een goed beeld gegevens van dit bijzondere land en fascinerende cultuur. We zien en horen vooral een perfect plaatje, terwijl we ook wel merken dat het soms in werkelijkheid wel anders is. Het lijkt of we ons zo nu en dan in een parallel-universum bevinden.
Maandag 1 september
Vandaag gaan we vroeg op pad, want we gaan de stad uit en de bergen in. Letterlijk en figuurlijk vandaag, want we gaan ook een ondergronds meer bezoeken. Naast Gigi is ook Tokul weer aanwezig. Gisteren was dat nog niet zeker, maar Gigi vertelde ons dat hij had gevraagd of hij vandaag weer met ons op pad mocht omdat het zo leuk was gisteren. Tokul is trots op zijn land en is vooral heel blij dat Fred met zoveel enthousiasme foto’s van alles maakt. Gisteren zijn we ook bijna 2 uur langer op stap geweest omdat hij ons mee nam naar nog meer witte marmeren gebouwen en gouden monumenten en overal stopte om Fred foto’s te laten maken;-) Overigens is het vandaag wel drukker in de stad dan gisteren; een nieuwe werkweek start, maar ook het nieuwe schooljaar. We zien vele studenten in uniform, de jongens in keurige zwarte broek en wit overhemd en de meisjes in kleurrijke lange jurken. Groene jurken voor de middelbare school en rood voor de meisjes die naar de universiteit gaan. En alle meisjes keurig met 2 zwarte, lange vlechten en een kleurig hoedje op. De eerste schooldag wordt met groot ceremonie gevierd. Muziek, bloemen, vlaggen, speeches en het portret van de president. Fred weet inmiddels; geen foto’s hiervan! Uiteindelijk laten we de stad achter ons en rijden we parallel aan de hoge bergrange van het Kopet Dag gebergte richting Nohur, een klein bergdorpje waar het leven wat heeft stil gestaan. Deze bergketen markeert overigens de grens tussen Turkmenistan en Iran. Voordat we Nohur bereiken bezoeken we nog 2 bijzondere moskeeën. De een nog grootster en mooier dan de ander. Ook hier marmer in vele soorten, prachtige tapijten, kroonluchters, gouden koepels, fonteinen en azuurblauwe tegels. We kijken onze ogen uit en ondertussen genieten we van de rust en de koelte in de moskeeën. Ook hier zijn we weer de enige toeristen. Na de 2 stops rijden we echt de bergen in en het landschap is ruw, ruig en grillig. We zien prachtige kloven en rotsformaties en zo nu en dan stoppen we voor wat foto’s. Er wordt gezegd dat in de Bijbelse geschiedenis dit het gebied is waar de Ark van Noach strandde op een hoge bergtop. Dit heeft er voor gezorgd dat een grote diversiteit aan flora en fauna te vinden is in dit gebied en het daarom ook een hele vruchtbare plek is. Als we in Nohur aankomen, stoppen we eerst bij een leuk restaurant voor de lunch en dit ligt naast een waterval. Wanneer we in het restaurant zitten, zien we al snel dat de waterval nep is, want boven op een hoge rots ligt gewoon een grote waterslang, waaruit vele liters water naar beneden spuit. Eigenlijk is dit heel beeldend voor wat we ervaren in dit land; je denkt dat je wat ziet, maar als je goed kijkt blijkt toch dat je naar wat anders kijkt. Het fascineert ons enorm, we proberen soms in gesprekken te zoeken naar de andere kant en net als we denken dat er een tipje van de sluier wordt opgelicht, valt het doek er weer als een prachtig tapijt overheen. Na de lunch gaan we verder het dorpje in en we bezoeken o.a. een bijzondere begraafplaats. Boven op een heuvel van de oude stad zien we vele graven, waar op bijna elke steen de hoorns van een berggeit zijn vastgemaakt. Een indrukwekkend gezicht. Even verderop wandelen we een stukje de berg op en ondertussen verteld Gigi over een legende van een meisje wat hier verdween in een kloof. Inmiddels is de plek meer een bedevaartsoord voor vrouwen die graag een man willen vinden. Overigens geld dat voor Gigi ook, met haar 27 jaar is zij al bijna een oude vrijster hier. We hebben vooral lol, omdat zij hier inmiddels al honderden keren is geweest, maar nog steeds geen man heeft gevonden. Er ontstaat een boeiend gesprek, waarin haar hang naar de Westerse wereld en gewoontes en gebruiken haar soms in conflict brengt met haar geloof, normen, waarden en respect voor haar ouders en familie. En hoe westers ze aan de ene kant kan en wil zijn, hier draagt ze gewoon haar gele hoofddoek. Geel, omdat je dat als ongetrouwde vrouw in dit land verplicht bent. Ook hier hebben we een bijzonder gesprek over. Als we weer terugwandelen naar de auto, zit Tokul te kletsen met een oude vriend die hier woont. Wij worden ook uitgenodigd om te gaan zitten en krijgen direct ook een thee. Even later krijgen Fred en ik allebei een klein armbandje van gevlochten touw en wat kralen en krijgt Fred ook nog een of andere zwarte steen in zijn handen gedrukt. Hij moet de steen in heet water stoppen en dit dan opdrinken, wat goed zou zijn voor de botten. In gebarentaal laat Tokul mij even later ook nog weten dat ik morgen vast een hele fitte en vitale man zal hebben;-)) Uiteindelijk laten we Nohur weer achter ons en rijden we terug richting Asghabat. Tokul rijdt stevig door en dat terwijl de weg soms best wel slecht is. Ondertussen rapt hij de ene na de andere stevige foute tekst mee, wat best grappig is als je bedenkt dat hij daarnaast de meest lieve, zachtaardige en gelovige man is die we in deze korte tijd hebben leren kennen. Vermoedelijk beseft hij niet welke Engelse teksten hij meezingt;-) Na een uurtje rijden komen we aan bij Kow Ata en hier bevindt zich in de bergen, 65 meter onder de grond een groot onderwater meer. Het is kristal helder en rond de 36 graden warm. Wij dalen samen met Tokul af de berg in richting het waterbassin. We kleden ons om en stappen rustig het warme water in. Een vreemde gewaarwording om hier letterlijk in een berg, diep onder de grond te zwemmen in een warm thermaal bad. Rustgevend en ontspannen en ook Tokul geniet met volle teugen. Hij heeft thee voor ons mee genomen en als we uit het water komen, relaxen we nog even voordat we de klim omhoog weer aanvangen. Ook hier zijn we de enige bezoekers. Een bijzondere ervaring en heerlijk relaxt rijden we terug naar Ashgabat. Als we in het hotel aankomen checken we nog even het restaurant op het dakterras op de 9e etage van ons hotel en terwijl de zon net ondergaat besluiten we ook deze dag maar weer te vieren met een heerlijk drankje en wat dumplings. Een perfect einde van een aantal bijzondere dagen in Ashgabat. We zijn aangenaam verrast over de start van onze reis in dit land en in deze stad.
Dinsdag 2 september
We starten de ochtend met een laat ontbijt en vervolgens nemen we nog een uitgebreide douche, pakken onze tassen, checken uit en lunchen nog een keer in de shoppig mall bij een Australisch restaurant. De kaart laat overigens gewoon Turkmeens eten zien er is niets Australisch te vinden. Zelfs de wijn niet, die komt uit Georgië en is overigens best lekker. Rond 14 uur zijn we terug in ons hotel en staat onze volgende auto met chauffeur al weer te wachten. Deze keer een 4 x 4 wagen, want we vertrekken naar de Karakum woestijn waar we de gaskrater van Darwaza gaan bezoeken. Het is een rit van 4 uur en als we Ashgabat verlaten rijden we al snel het grote niets van de woestijn in. Naarmate we de stad steeds verder achter ons laten, wordt de weg slechter en slechter. Dit weerhoud onze chauffeur Timor er niet van om toch een constante snelheid van 120 km/u aan te houden. Onderweg maken we nog een korte stop bij een zout meer en een modder krater en uiteindelijk komen we goed door elkaar geschut rond 18 uur bij de gaskrater van Darwaza aan. In de jaren ’70 werd hier naar gas geboord en in dit gebied werd per ongeluk een soort grot geraakt waar giftig gas uit vrij kwam. Men bedacht het gas aan te steken, zodat het zich niet verder kon verspreiden. En als het gas uitgebrand zou zijn, dan konden ze daarna weer verder zoeken. Inmiddels is het ruim 50 jaar later en brand het gas in de krater, die ontstaan is na een explosie, nog steeds. De krater heeft een diameter van ruim 60 meter en als we over de rand kijken zien we op verschillende plekken vuur branden. Echter schijnt de zon nog, dus we rijden eerst door naar het kamp waar we overnachten, om later op de avond in het donker terug te keren. De afgelopen jaren heeft een lokale reisagent een ger-tenten kamp hier opgezet op 10 minuten lopen vanaf de krater en wij krijgen een mooie tent met eigen toilet toebedeeld. Een aangename verrassing, want ik zag mezelf al door de woestijn dwalen midden in de nacht voor een plas;-) Verder is er een soort openlucht restaurantje, waar een aantal lokale mensen al vlees staat te grillen voor het avondmaal. Wij zitten ondertussen gezellig te kletsen met Achmet uit Azerbijan en Trudy uit Nederland, ook twee toeristen hier. En terwijl de zon ondergaat en het eten bijna klaar is, komt er nog een gezin uit Nederland aan. Hun komst was eerder vandaag al aangekondigd, want toen wij onderweg naar deze krater waren, werd onze chauffeur gebeld door zijn baas op het hoofdkantoor, waar opdat moment onze reisagent uit Nederland was. Ardjan was een week in Turkmenistan om nieuwe plekken te ontdekken samen met zijn contacten in Turkmenistan en hij vraagt ons naar onze eerste ervaringen. Superleuk om zo even wat uit te wisselen en hij vertelde ons ook dat we deze avond een Nederlands gezin zouden tegen komen bij de krater, aangezien zij bijna dezelfde reis hebben gemaakt, maar dan in omgekeerde volgorde. Zij zijn al bijna 3 weken op pad en gaan over een paar dagen vanuit Ashgabat terug naar Nederland. De gids van het Nederlandse gezin blijkt overigens Gigi te zijn, zij is heel vroeg deze ochtend naar de grens van Oezbekistan gevlogen om ze daar op te halen. Het is een rare gewaarwording om hier midden in de Karakum woestijn, aan de rand van een gaskrater met 7 Nederlanders en Achmet uit Azerbijan even later van de bbq te genieten. En superleuk om Gigi nog even te zien. Na het eten lopen we richting de gaskrater en in de verte zien we de oranje gloed van het vuur het landschap al verlichten. Wanneer we dichterbij komen, horen we ook het geluid van de vlammen. Een heel bijzonder fenomeen en we blijven een poos in stilte naar het vuur kijken. Ondertussen hebben we een ontzettend besefmomentje; hier staan we dan samen, ver weg van alles, midden in een verlaten woestijn staan aan de rand van de gaskrater….het is fijn om weer eens echt op reis en avontuur te zijn!
Woensdag 3 september
En zoals dat ook wel eens gaat op reis, wil het slapen in de ger-tent niet echt lukken. Fred ligt op een heel hard matras, wat ook een houten plank zou kunnen zijn en mijn matras bestaat uit ouderwetse metalen veren. Die overigens dwars door de stof heen steken. En ondanks dat ik best wat vet op de botjes hebt, is het niet echt bestand tegen dit matras. Maar ondertussen luister ik naar de geluiden van de woestijn, draai naar links, dan weer naar rechts en herhaal dat minstens 100 keer. En wanneer ik eindelijk net een beetje begin in te dommelen begint de hond te blaffen. We zijn blij dat we er om 6 uur uit kunnen voor het ontbijt en de verdere reis naar de grens van Oezbekistan. Exact 7 uur gaan we weer op pad en in 4 uur tijd hobbelen we door de woestijn verder. Naarmate we de grens naderen wordt de weg gelukkig weer stukken beter en het is een verademing om niet constant door elkaar geschut te worden. Bij de stad Dashoguz krijgen we nog een vage rondleiding door de stad en de chauffeur laat ons weer diverse grote, witte, marmeren overheidsgebouwen zien. Het is ons steeds meer duidelijk dat Turkmenistan aan het toewerken is naar het ontvangen van meer toeristen. De visa-procedure moet meer geautomatiseerd gaan worden, op een aantal plaatsen worden er nog een paar vliegvelden uit de grond gestampt en tevens worden er ook nog een aantal goede wegen aangelegd naar diverse belangrijke plekken. Alles om het land van haar beste kant te laten zien als het haar grenzen meer opent. Het zal interessant zijn hoe zich dat verder gaat ontwikkelen, omdat met de komst van meer toeristen waarschijnlijk de strikte en strenge normen en waarden in het land meer onder druk komen te staan. Overigens hopen we vooral dat de gastvrijheid blijft, want als wij in Dashoguz nog een laatste lunch bestellen, blijkt dat wij achteraf toch niet met dollars kunnen betalen. Terwijl we dat bij aankomst in het restaurant wel gevraagd hadden. Onze serveerster neemt ons in paniek mee naar haar manager, die vervolgens weer zijn manager er bij gaat halen. En hij komt vervolgens met de grote baas aan. En ik denk alleen maar, dit is wat we hebben…meer kan ik er niet van maken. De eigenaar kijkt naar de rekening en het geld wat we hebben neergelegd, de helft Turkmeense manat en de andere helft Amerikaanse dollars. Vervolgens pakt hij de dollars en geeft ons deze met een grote glimlach terug. Het is wel goed zo, we zijn tenslotte gasten! Wat beduusd lopen we het restaurant uit en verlaten met een grote glimlach Turkmenistan. Zelfs de douane perikelen die daarna volgen om Turkmenistan te verlaten en Oezbekistan in te komen kunnen de pret niet meer drukken. We laten minstens 10 keer ons paspoort zien, de bagage wordt 2 keer gecontroleerd en met een oude en versleten bus rijden we voor een dollar door het niemandsland tussen beide landen. En in de bus bemoeid iedereen zich met ons westerlingen, we moeten vooral overal gaan zitten, er wordt geholpen met onze tassen en iedereen lacht naar ons. Alleen als we aankomen in Oezbekistan weet iedereen niet hoe zo snel mogelijk de bus uit te komen, ons op zij te duwen en over onze tassen heen te duiken…..goh, wat is het toch weer een genot om op reis te zijn;-))
Liefs,
Fred en Petra
-
04 September 2025 - 22:56
Marijke Van Meeteren :
Hoi hoi Petra en Fred, Wat een ontzettend leuke verrassing om jullie reisbericht in mijn e-mail aan te treffen. Nog niet overgestapt naar Polarsteps? Alleen op waarbenjij.nu? En wat een bijzondere reis zijn jullie gestart. Echt heerlijk en zo gaaf om mee te lezen en op deze manier een beetje mee te reizen. Is wel een enorm avontuur daar! Geen probleem voor jullie als super ervaren reizigers. Heel veel plezier en de mooiste ervaringen wens ik jullie. Take care!!
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley